Helder communiceren: jong geleerd is oud gedaan

Het is heerlijk weer en mijn man en ik besluiten een eind te gaan fietsen. We fietsen een knooppuntroute die ons langs de mooiste plekjes in Twente leidt. Onderweg zie ik aan de linkerkant van de weg een man die vluchtig oogcontact maakt en mompelt in een naar mijn mening Amsterdams accent: “Mot 22 hebbu.” Aangezien wij zojuist dit knooppunt gepasseerd zijn, gebaar ik dat hij rechtsaf moet.

Mijn man is inmiddels verder gefietst en vraagt verbaasd waar ik bleef. Als ik hem vertel dat ik een man de weg wees, reageert hij nog verbaasder: “oh, ik zag die man ook wel en ik hoorde hem wel iets mompelen maar ik wist niet dat het een vraag was. Hij zei het zo stellend.” Lachend bevestig ik dat ik zijn aanname snap. Het doet me gelijk denken aan Robbert: een slimme jongen die niet begrepen werd.

Niet happy

Robbert is een hoogbegaafde leerling in de brugklas. Het is een ontzettend talentvolle jongen. Hij haalt hoge cijfers maar desondanks is Robbert niet happy. Hij voelt zich niet begrepen op school en komt regelmatig vol frustraties thuis.

Op de wenken bediend

Robbert is de jongste in een gezin van drie. Hij heeft twee zussen die 4 en 6 jaar ouder zijn. Robbert was en is het oogappeltje van de familie. Hij weet precies hoe hij zijn zussen en moeder om de vinger moet winden. Er zijn weinig woorden nodig om dingen gedaan te krijgen.
Op de basisschool ging alles als vanzelf. Robbert hoefde nooit hulp te vragen; de taken vielen allemaal binnen zijn comfortzone.

Nonverbale communicatie

Nu zit hij op het voortgezet onderwijs en heeft Robbert regelmatig conflicten met zijn docenten, vooral ‘die van natuurkunde.’ Als ik vraag hoe dit komt, dan vertelt Robbert dat ‘die man’ onduidelijk uitlegt. Op mijn vraag wat Robbert doet als de docent het niet duidelijk uitlegt, zegt hij:”dan kijk ik heel boos naar de leerkracht maar dan doet hij niets ….Hij geeft me altijd de schuld dat ik zit te klieren in de les. Ja, logisch toch als je er niets van snapt?”

Het slachtoffer, de aanklager en de redder

Het wordt me na de beschrijving van meer situaties duidelijk dat Robbert gewend is om nonverbaal of in tweewoordzinnen zijn omgeving in beweging te krijgen. Met twee zussen en een moeder die in de modus ‘redder’ stonden, volstond deze reactie. In deze nieuwe situatie wordt hij geconfronteerd met het feit dat hij actief en duidelijk moet communiceren maar hij is zich hier onvoldoende van bewust. Hij kruipt in de rol van slachtoffer en aanklager en daarmee maak je geen ‘vrienden.’

Hoe is het nu met Robbert

Zijn ouders en zussen zijn zich nu bewust dat ze een stapje achteruit moeten doen: pas reageren als Robbert duidelijk en vriendelijk een vraag stelt.
Robbert snapt heel snel wat er van hem verwacht wordt. In eerste instantie was hij op school nog wat angstig om vragen te stellen aan de docent. Hij was bang dat de docent zou denken dat hij dom was. Gelukkig merkte de docent dit en gaf hij Robbert nadrukkelijk een compliment als hij een vraag stelde.

Robbert: “ik heb gemerkt dat die man van natuurkunde eigenlijk wel een hele aardige gast is. Hij vond zelfs dat ik goede vragen stelde. Ik merk dat ik natuurkunde steeds leuker begin te vinden.”

Herken jij je kind in Robbert? Wil je weten hoe je je kind het beste kunt helpen? Neem dan contact op.

Geplaatst in blog, Uit de praktijk, Weblog.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *