“Ik anders? Ik ben toch gewoon mezelf”

Pleidooi voor eigenheid en persoonlijke ontwikkeling

Heb jij het vermoeden dat je kind hoogbegaafd is? Klik hier voor de gratis toolkit

Systemen, regels, procedures: in veel organisaties lijken die geen middel maar het doel. Wouter Hart noemt deze organisaties, in zijn gelijknamige boek, ‘verdraaide organisaties.’ Volgens Hart knopen zij de wereld aan elkaar met systemen, beleid en monitoringsgegevens. “Ze gaan ervan uit dat deze ervoor zorgen dat mensen de goede dingen gaan doen. Er lekt veel energie en aandacht weg in dat soort systemen, ze kosten enorm veel tijd en geld en de focus ligt op dingen die slechts indirect belangrijk zijn,” aldus Hart. Hij betrekt dit ook op scholen. Het beleid en de regels krijgen voorrang op het welzijn en de leerbehoefte van het kind.

Allemaal door hetzelfde poortje

Dit doet wat met het zelfbeeld en welbevinden van een kind. Bij jonge kinderen zie je dat soms terug in gedrag. Voor je het weet worden er interventies ingezet op gedrag. Gevolg is dat de problemen alleen maar groter worden.

Het gevoel door ‘het poortje’ te moeten van het systeem is iets wat veel hoogbegaafde kinderen en hun ouders frustreert. Bovendien hebben ze vaak het gevoel dat ze aan verwachtingen moeten voldoen waar ze soms niet aan kunnen maar soms ook vooral niet willen voldoen. Het feit dat je hoogbegaafd bent wil echt niet altijd zeggen dat je torenhoge schoolresultaten haalt. Sommigen onder hen zouden wellicht die hoge resultaten kúnnen halen maar het is maar de vraag of ze dit ook willen halen. Want wat zeggen die hoge cijfers nu over wie jij bent en wat je allemaal doet?

Tijd voor verandering

De zestienjarige Liske is van mening dat het de hoogste tijd is voor een verandering in het onderwijs. Ze heeft het gevoel dat ze niet zichzelf kan of mag zijn. Dat er onvoldoende ruimte is voor haar eigen inbreng en creativiteit.  Dat ze gedwongen wordt om nu al keuzes te maken waarvan ze nu nog helemaal niet weet of ze hier in de toekomst wat aan gaat hebben. Wat haar betreft ligt de focus teveel op het leveren van prestaties.  Het versterkt het gevoel dat als iets niet lukt, je een mislukkeling bent.
Liske vindt dat er op zich niets mis is met hard werken. Ze verwacht echter dat leerlingen vanuit intrinsieke motivatie aan het werk gaan als de aanpak binnen het onderwijs anders wordt: stoppen met ‘hokjes-denken’, meer aandacht voor de emotionele ontwikkeling en een goede voorbereiding op hoe je jezelf staande houdt in de maatschappij.

Veel liefde

Ik ken Liske al sinds haar achtste jaar en toen maakte ze al het verschil. Ik weet nog als de dag van gisteren dat ik haar en een aantal andere kinderen uit de plusklas vroeg wat je eigenlijk nodig hebt om uiteindelijk naar de universiteit te kunnen. “Goed kunnen nadenken, goede cijfers, dat je goed kunt doorzetten, de wil om hard te werken,” riepen de kinderen enthousiast. Liske bleef stil. Ik zag haar denken. Toen ik haar de beurt gaf, zei ze vastberaden: “Liefde, veel liefde heb je nodig.”

Liske is nog steeds wilskrachtig en vastberaden. En dat is mede te danken aan de ruimte en de liefde die ze krijgt binnen het gezin waarin ze opgroeit. Onlangs deelde haar trotse vader het volgende betoog van Liske op LinkedIn. Het betoog van Liske wil ik graag met jullie delen:

Anders of gewoon jezelf?

Jij bent anders. Iets wat vaak tegen mij wordt gezegd. Maar hoezo? Ik ben toch gewoon mezelf? Het is niet makkelijk, anders zijn. Maar waarom? We zijn het toch eigenlijk allemaal? We zijn allemaal anders, dus wat is dan hetgeen dat het zo moeilijk maakt? Ik zou willen dat er een antwoord op was, maar in tegenstelling totdat er mij een antwoord wordt gegeven, wordt er tegen me gezegd dat ik er niet mag zijn. Dat alles omdat ik anders denk dan deze maatschappij. Omdat ik niet in de systemen pas waar ik in zou moeten passen.

Prestatiegericht en een hoge druk

Ik vind dat het huidige schoolsysteem leerlingen tekort doet. En dit vind ik omdat het mij tekort doet. Omdat ik zie dat het mede-leerlingen tekort doet. Het lijkt soms wel of niemand ons ziet, en niemand vraagt hoe het met ons gaat. Dus bij deze, hier ben ik en het gaat niet goed met me en dit huidige schoolsysteem is er een grote oorzaak van.

Omdat het huidige schoolsysteem prestatiegericht werkt, wordt de druk veel te hoog voor leerlingen. Ouders: ‘’ Ga je aan je huiswerk? Doe je wel je best? Leg je die telefoon weg, volgens mij moet je leren. ‘’ Leraren: ‘’Het gaat niet echt goed hè, met je cijfers? Wat ga je er aan doen? Ga je zo door dan ga je dit jaar niet halen.”

Niet goed genoeg

En misschien wel de meest erge druk van allemaal, is de druk die we onszelf opleggen. Er wordt ons van jongs af aan meegegeven dat we moeten presteren. Presteren we niet, wordt er tegen ons gezegd dat we het niet goed genoeg doen. We gaan geloven dat we falen. Hoe hard je je best ook doet het maakt niet uit. Zolang je prestaties niet goed zijn doe jij het niet goed genoeg want dat is wat dit systeem tegenwoordig alleen nog maar ziet: de prestaties.

We putten kinderen uit en daarom zit gemiddeld 1 op de 3 20’ers in een burn out. Dit vinden we allemaal maar raar, je zit toch in de leukste jaren van je leven? Hoezo burn-out? Je moet gewoon een keer uit je bed komen. Als we onze kinderen zo prestatiegericht opvoeden en ze het later alleen moeten doen en het lukt niet voelen ze zich een ontzettende mislukkeling. Je gaat maar door en door en door. Je legt jezelf steeds meer druk op en je dagen zijn een en al stress. Na een paar weken, maanden misschien wel jaren geeft je lichaam het op. Het kan niet meer. Is dit dan wat we de jongeren willen meegeven na de middelbare?

Belangrijk deel van het brein wordt ‘weggedrukt’

Bovendien vergeten we met dit schoolsysteem een heel belangrijk deel van het brein. Hersenen van kinderen zijn makkelijk te vormen, maar dat betekent dat ze ook makkelijk te vervormen zijn. Een kind wordt geboren met 5 ontwikkelingsgebieden:

  1. cognitieve ontwikkeling: een aangeboren drang om de wereld te verkennen en te begrijpen. Hier valt het toepassen, leren en terughalen van informatie ook onder.
  2. motorische ontwikkeling: de grote- en kleine motoriek
  3. lichamelijke ontwikkeling: de ontwikkeling van de hersenen en het lichaam.
  4. spraak- en taalontwikkeling: de verwerking van taal
  5. sociaal- en emotionele ontwikkeling: De sociaal-emotionele ontwikkeling omvat een groot en complex gebied binnen de algehele ontwikkeling van het kind. Hij is misschien wel het grootst van allemaal. Het ontwikkelen van emoties, het zelfbeeld, temperament, motivatie en de hechting van het kind, spelen allemaal een rol.

Deze ontwikkelingsgebieden zijn niet los van elkaar te zien. Vanaf de geboorte is er sprake van een heel nauw  verband. Echter, focust het systeem zich heel erg op cognitieve ontwikkeling. De motorische ontwikkeling wordt daarin meegenomen, bijvoorbeeld tijdens gym. De lichamelijke ontwikkeling wordt ook rekening mee gehouden. We weten nou echter allemaal dat meiden soms chagrijnig zijn vanwege hormonen en dat jongens door hun testosteron behoorlijk op hol kunnen slaan. Dit alles mag er zijn. Zo wordt ook het spraak- en taal ontwikkelingsgebied niet tekort gedaan. Sterker nog in de 2e klas leren we allemaal 3 of 2 talen.
Maar het is het sociaal- en emotionele ontwikkelingsgebied waar weinig rekening mee wordt gehouden. Sterker nog: op bepaalde gebieden wordt het gewoon weggedrukt. We bereiden kinderen van jongs af aan voor op de concurrentiestrijd in de wereld. Dit is funest voor de creativiteit, verbeeldingskracht en enthousiasme van kinderen.  We leren kinderen aanpassen, creatieve impulsen te onderdrukken en uit plichtsbesef doen wat leraren vragen.

Maar afgezien dat dit een kind doodongelukkig maakt, werkt het ook nog eens het minst efficiënt. Er is wetenschappelijk bewezen dat we alleen in staat zijn te leren als de delen in ons brein waar we onze emoties gereguleerd worden, geactiveerd worden.

Verouderd systeem

Ten slotte wordt het ook wel eens tijd dat we onder ogen zien dat dit systeem ontzettend oud is. Het is gemaakt in 1997 en ik denk dat het ondertussen wel eens tijd wordt dat we met onze tijd meegaan.

Sinds 1997 verdelen we kinderen van 12 jaar in hokjes, als het al niet op een jongere leeftijd is. We bepalen met z’n allen dat als je een lager niveau doet dat je het moeilijk gaat hebben in deze maatschappij. We bepalen dat als je theoretisch niet zo goed kan leren maar wel heel goed bent met je handen dat je een ‘mislukkeling’ bent. Niet alleen zou het niveau niet moeten uitmaken, maar daarnaast wordt dit ook veel te vroeg bepaald voor een kind. Sommige kinderen worden gewoon niet gezien, dit heeft als gevolg dat ze een veel lager niveau doen. Dit kan zelfs veroorzaken dat kinderen een bore-out krijgen.

Verkeerd advies

Ik heb een broertje dat vorig jaar zijn advies kreeg. Het advies was dat hij naar VMBO-Basis moest gaan want rekenen en taal zou hij volgens de leerkrachten niet kunnen. Wij als gezin hadden een ontzettend ongelukkige, chagrijnige jongen thuis. Het kon ook niet kloppen dat hij dit advies kreeg. Als je hem hoort praten over de geschiedenis of over aardrijkskunde zit er zo’n wijsheid in. We kwamen erachter dat hij hoogbegaafd is. Hij is al die jaren niet gezien, nu werkt hij aan zichzelf. Hij mag elke dag stukje bij stukje meer over zichzelf leren. En met de juiste begeleiding streven ze nu naar een hoger niveau. Omdat de mensen die hem wel zien, weten dat hij het kan.

Stoppen met de ‘hokjes’

Dit op jonge leeftijd in hokjes stoppen stopt niet na de basisschool. Als je dan namelijk op de middelbare zit en je zit hopelijk op het goede niveau dan mag je op je 15e een richting kiezen.  Deze keus bepaalt de rest van je leven. Die keuze moet je veel te jong maken! Ik heb spijt van mijn vakkenpakketkeuze maar nu kan ik al niet meer terug. Het is een hele verantwoordelijkheid die op onze schouders wordt gelegd. Op die leeftijd missen we nog het overzicht.

Kortom het in hokjes stoppen van kinderen zou moeten stoppen, het past niet meer bij deze tijd. Ik denk dat het tijd wordt voor een beetje vernieuwing.

Doordat het huidige schoolsysteem prestatiegericht werkt gaan leerlingen hun best doen en weten ze dat ze ook later hard moeten werken. Dit betekent echter niet dat je niet op andere manieren, betere manieren leerlingen kan laten zien dat ze later hard moeten werken. Ik geloof zelfs dat als we het anders zouden aanpakken leerlingen vrijwillig nog harder hun best zouden doen.

Verandering in het systeem zorgt voor verandering in de maatschappij

Het is de taak van school om de leerlingen klaar te ‘stampen’ voor de maatschappij. Zolang de maatschappij niet verandert gaat het systeem dat ook niet doen. Dat ben ik met u eens, u moet ons klaarmaken voor de maatschappij. Maar is dat dan echt wat er gebeurt? Wetenschappelijk is bewezen dat leerlingen 20 tot 30% van de stof die ze leren na een paar uur al niet meer weten. Daarnaast weten we als we van school afgaan eigenlijk helemaal niks over deze maatschappij. Ik weet hoe de stelling van Pythagoras werkt ja. Maar hoe ik de belasting moet doen? Dat moet je mij niet vragen. Ik denk dat het juist andersom werkt. Het is niet de maatschappij die de systemen doet veranderen, het is de verandering in de systemen waardoor de maatschappij gaat veranderen.

Anders zijn is moeilijk, ik weet er alles van. Maar ik geloof dat een school een plek moet zijn waar de leerlingen tot bloei komen, waar niet alleen kennis onderwezen wordt, maar waar ook ruimte is voor de nieuwsgierigheid en de creativiteit van een kind. Ieder kind is anders en ik geloof dat school een plek kan worden waar ieder kind zijn eigen dromen achterna kan gaan.

Liske

Geplaatst in Blog, Leren leren, Uit de praktijk en getagd met , , .

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *